Meer
Publicatiedatum: 01-11-2018

Inhoud

Programma onderdelen

Overzicht Algemene Dekkingsmiddelen

Inleiding

In dit hoofdstuk worden de algemene dekkingsmiddelen toegelicht. Dit zijn inkomsten die niet specifiek toe te rekenen zijn aan een bepaald programma, maar waarmee uiteindelijk de saldi van de programma’s 1 tot en met 6 kunnen worden gedekt. In de staat van Baten en Lasten (hoofdstuk 4.1) is de (financiële) samenhang tussen de programma’s en algemene dekkingsmiddelen weergegeven.

De algemene dekkingsmiddelen zijn:

  • Lokale heffingen;
  • Algemene uitkering uit het gemeentefonds;
  • Dividend;
  • Saldo van de financieringsfunctie;
  • Overige algemene dekkingsmiddelen.

Overzicht: Algemene dekkingsmiddelen

Overzicht baten en lasten algemene dekkingsmiddelen

Het overzicht van algemene dekkingsmiddelen en post onvoorzien is als volgt:

 

            Bedragen x € 1.000
Totaal programma Realisatie 2017 Begr 2018* Begr 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022
Lokale heffingen 439 395 387 366 370 376
Algemene uitkering gemeentefonds 0 0 0 0 0 0
Dividend 74 106 3 3 3 3
Financieringsfunctie 3.946 5.925 4.342 3.427 3.098 3.026
Algemene stelposten 9 552 1.790 2.345 3.058 3.694
Overige dekkingsmiddelen 888 1.064 930 930 929 728
Post onvoorzien 0 100 100 100 100 100
Totaal lasten 5.356 8.140 7.552 7.171 7.558 7.926
Lokale heffingen 15.345 15.272 15.160 15.335 15.492 15.449
Algemene uitkering gemeentefonds 57.747 2.117 65.554 66.911 68.285 69.651
Dividend 3.372 3.074 3.125 3.225 3.225 3.225
Financieringsfunctie 4.762 6.004 4.396 3.666 3.245 2.872
Algemene stelposten 0 0 0 0 0 0
Overige dekkingsmiddelen 1.345 1.322 1.216 1.216 1.216 1.216
Post onvoorzien 0 0 0 0 0 0
Totaal baten 82.571 87.789 89.451 90.353 91.463 92.413
*Begroting 2018 na wijzigingen in het lopende jaar            

Lokale heffingen

Lokale heffingen kunnen we onderverdelen in wel en niet gebonden bestedingen. Lokale heffingen waarvan de besteding gebonden is, zijn heffingen waarbij sprake is van een duidelijke relatie tussen de gemeentelijke dienstverlening en de belasting. Voorbeelden hiervan zijn de rioolrechten en de afvalstoffenheffing. Deze heffingen worden op de desbetreffende programma’s als baten verantwoord en vallen dus niet onder de algemene dekkingsmiddelen. Lokale heffingen die niet gebonden zijn, vormen algemene dekkingsmiddelen en hebben geen vooraf aangewezen bestemming. In de tabel op de volgende pagina zijn de niet-besteding gebonden heffingen van de gemeente Lansingerland gepresenteerd. Voor verdere informatie verwijzen wij u naar 3.1 paragraaf ‘Lokale heffingen’.

Algemene uitkering uit het gemeentefonds

Het gemeentefonds vormt de grootste inkomstenbron voor gemeenten.  Bijstelling van de algemene uitkering voor de begroting 2019-2022 heeft plaats gevonden via de maartcirculaire 2018 en de meicirculaire 2018.  De raad is geïnformeerd over de effecten van deze circulaires door middel van de volgende brieven:

U18.07148 – Meicirculaire 2018

U18.04262 – Maartcirculaire 2018

 

        Bedragen x € 1,-
Mutatie Algemene Uitkering 2019 2020 2021 2022
Maartcirculaire 2018 2.332.958 3.792.767 4.910.124 6.455.980
Meicirculaire 2018 1.603.558 815.150 937.534 423.411
Totaal 3.936.516 4.607.917 5.847.658 6.879.391

Dividend

Onder algemene dividenden vallen dividenden die niet tot een van de programma’s behoren. De belangrijkste deelnemingen waarin wij aandelen hebben, zijn Eneco Groep N.V. en Stedin Holding N.V.. Op 31 januari 2017 is Eneco Holding N.V. gesplitst in een commercieel productie- en leveringsbedrijf Eneco Groep N.V., en een regionale netbeheerder Stedin Holding N.V.. Deze splitsing is verplicht op basis van de Wet Onafhankelijk Netbeheer. De gemeente Lansingerland is nu aandeelhouder in twee ondernemingen: Eneco Groep N.V. en Stedin Holding N.V.. In beide ondernemingen heeft de gemeente Lansingerland een aandelenbelang van 3,38%. Van beide bedrijven ontvangen wij naar verwachting dividend.

Verkoop aandelen in Eneco:
Eind 2017 is het verkoopproces van onze aandelen in Eneco gestart. De Raad besloot dat ons aandelenbelang niet langer de publieke zaak diende. Naar verwachting worden onze aandelen in 2019 geheel of gedeeltelijk verkocht. Deze afbouw van ons aandelenbelang in Eneco, leidt tot een structurele verlaging van onze dividenduitkering en tot een verbetering van onze financieringspositie.

Saldo van de financieringsfunctie

Het saldo van de financieringsfunctie bestaat uit het renteresultaat (saldo van de kostenplaats kapitaallasten). Het renteresultaat ontstaat door het verschil tussen de werkelijk betaalde rente en de rente die we doorbelasten naar de verschillende taakvelden. De systematiek achter het renteresultaat lichten we toe in de paragraaf Financiering en Treasury.

Algemene stelposten en post onvoorzien

Stelpost Formatiegroei en Inhuurbudget (€ 1.247.985 )

Afgelopen jaren bleek dat het wenselijk is om niet het gehele personeelsbudget in te zetten via vaste formatieplaatsen. Een deel van het budget zetten we flexibel in voor variaties in intensiteit van taken en omstandigheden. Dit is geheel in lijn met voorgaande jaren.

 

Stelpost Formatie-uitbreiding (€ 200.000)

Het aantal inwoners in de gemeente Lansingerland groeit de aankomende jaren gestaag. Hierdoor nemen de basistaken van de gemeente in omvang toe. Met de stelpost formatiegroei kunnen we adequaat en flexibel anticiperen op de groei in taken en de daaruit voortvloeiende organisatieontwikkelingen. Deze organisatieontwikkelingen staan verder toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

 

Stelpost Areaal (€ 245.000)

De gemeente Lansingerland voert grote projecten uit, bijvoorbeeld de aanleg van een fietspad of woningbouw. Op het moment dat een project klaar is, moet het betreffende areaal worden beheerd (onderhouden). Het is echter van tevoren niet altijd even gemakkelijk in te schatten wanneer de afronding van projecten plaatsvindt en het areaal klaar is voor beheer. Vandaar dat in de begroting een stelpost voor areaalbeheer is opgenomen. Bij de zomerrapportage weten we beter wanneer de projecten in het lopende jaar afgerond zullen zijn. Op dat moment worden de budgetten vanaf de stelpost dan ook overgeboekt naar de betreffende projectbudgetten.

 

Post Onvoorzien (€ 100.000)

Jaarlijks wordt op begrotingsniveau een bedrag geraamd voor onvoorziene kosten. Hiermee worden in het begrotingsjaar onvoorzienbare en onontkoombare (dus niet te begroten) uitgaven opgevangen. Op basis van realisatie uit voorgaande jaren en het beleid uit het coalitieakkoord om scherp en realistisch te begroten, is deze stelpost naar beneden gesteld op € 100.000 voor de periode 2019-2022.

Wat gaat het kosten?

Bedragen x1000
Realisatie 2017 Begr 2018 Begr 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022
Lasten 5.413 8.058 7.552 7.171 7.558 7.926
Baten 82.672 87.789 89.451 90.353 91.463 92.413
Geraamde totaal saldo van baten en lasten 77.258 79.731 81.899 83.183 83.905 84.487
Toevoegingen en onttrekkingen Realisatie 2017 Begr 2018 Begr 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022
Toevoegingen 12.367 795 0 0 0 0
Onttrekkingen 653 945 0 0 0 0
Mutaties reserves -11.714 150 0 0 0 0