Meer
Publicatiedatum: 24-08-2018

Inhoud

Programma onderdelen

Programma 3: Maatschappelijke ondersteuning

Beleidsplan sociaal domein 2018 – 2022: Versterken van Veerkracht

In februari 2017 heeft de gemeenteraad in het ‘Beleidsplan Sociaal Domein 2018 – 2022: Versterken van Veerkracht’ vastgesteld waar we de komende jaren aan werken. We werken aan een inclusieve samenleving waarin iedereen meedoet ongeacht leeftijd, achtergrond of levensovertuiging en waarin ondersteuning voor iedereen toegankelijk is. We gaan daarbij uit van vier doelgroepen: de samenleving, kinderen/ jongeren en hun ouders, volwassenen en ouderen. Wij stimuleren al onze inwoners om optimaal gebruik te maken van zijn of haar mogelijkheden. Daar waar nodig bieden we ondersteuning op maat. We leggen daarbij de focus op de uitvoering en organiseren zoveel als mogelijk op lokaal niveau, tenzij regionaal een meerwaarde heeft.

Beoogd maatschappelijk effect:

In het sociaal domein hebben we twee doelen voor ogen:

  1. We werken aan een gezonde energieke samenleving

Een sterke samenleving is ondernemend, neemt verantwoordelijkheid, heeft oog voor kwetsbaren en kan tegen een stootje. Wij zien deze kracht in onze samenleving en we stimuleren dat iedereen daarin meedoet en erbij hoort: jong en oud, arm en rijk, ongeacht afkomst, geaardheid of geloofsovertuiging. Die kracht is van grote waarde voor de gezondheid en het welbevinden van onze inwoners.

  1. We versterken de veerkracht van het individu en van de samenleving

Veerkracht staat centraal in onze visie. Mensen komen het meest tot hun recht wanneer ze hun capaciteiten kunnen inzetten om mee te doen in de samenleving. Waar mogelijk lossen we problemen samen op, zodat mensen weer op eigen kracht verder kunnen. Als dat niet mogelijk is, zetten we in op het leren omgaan met de situatie en op het investeren in het netwerk. Daarmee versterken we de veerkracht van het individu en van de samenleving.

Hoe pakken we dat aan?

  • Lansingerland pakt de regie

Lansingerland kiest voor een actieve rol in de Toegang sociaal domein en in het veld van aanbieders. We sturen op integraliteit en op de uitvoering van het beleid.

  • Ondersteuning op maat met de Lansingerlandse Standaard

Lansingerland heeft een norm ontwikkeld voor het basispakket aan ondersteuning die we als gemeente kunnen en willen bieden op onder andere jeugdhulp, participatie, maatschappelijke ondersteuning, publieke gezondheid en schuldhulpverlening. We noemen het basispakket de Lansingerlandse Standaard. Met de Standaard bouwen we aan de samenleving, zorgen we ervoor dat inwoners zelf de touwtjes in handen kunnen houden, zijn we er op tijd bij en bieden we passende ondersteuning.

  • Intensivering door 10 beleidsaccenten

Naast de Lansingerlandse Standaard werken we aan tien beleidsaccenten. Op sommige thema’s of doelgroepen is het belangrijk net iets meer te doen dan wat de wet of onze Lansingerlandse Standaard aangeeft. Op grond van de signalen die we hebben ontvangen en de informatie uit de trendanalyse kiest Lansingerland voor 10 beleidsaccenten waarmee we de komende periode voor een aantal groepen het verschil willen maken. De beleidsaccenten zijn wet- en doelgroepoverstijgend.

  • Afwegingskader inkoop en subsidie

Om onze doelen te bereiken maken we gebruik van een breed scala aan hulp- en ondersteuningsvormen. Voor het bepalen van de juiste inkoopvorm gaan we uit van een afwegingskader op basis van criteria. Zo maken we maatwerk van onze inkooptrajecten, waarvan subsidie er één is.

  • Monitoring op 3 niveaus

Om te weten of we met onze inzet de beoogde effecten bereiken, hebben we criteria geformuleerd, aan de hand waarvan we monitoren. Zo krijgen we een beeld van de resultaten voor individuele inwoners, voor doelgroepen en voor de samenleving als geheel. Jaarlijks kunnen we bijstellen op basis van de PDCA-cyclus. We leggen verantwoording af via de reguliere jaarrekening. Daarnaast stellen we eens per halfjaar een rapportage op, waarin we terugblikken op wat er gedaan is en speerpunten opstellen voor de volgende periode.

Wat gaat het kosten?

In onderstaande tabel worden de baten en lasten van het gehele programma gepresenteerd.

Bedragen x1000
Rekening 2016 Begroting 2017 na wijzigingen Totaal primitief 2018 Totaal 2019 Totaal 2020 Totaal 2021
Lasten 0 0 0 148.006 134.670 124.249
Baten 0 0 0 148.767 135.433 125.059
Geraamde totaal saldo van baten en lasten 0 0 0 761 763 810
Toevoegingen en onttrekkingen Rekening 2016 Begroting 2017 na wijzigingen Totaal primitief 2018 Totaal 2019 Totaal 2020 Totaal 2021
Toevoegingen 0 0 0 1.864 1.865 2.056
Onttrekkingen 0 0 0 7.725 3.748 3.648
Mutaties reserves 0 0 0 5.861 1.883 1.592

Beleidsveld Jeugd

Wat willen we bereiken?

Wat gaat het kosten?

In onderstaande tabel staan de kosten van dit beleidsveld:

Beleidsveld: Jeugd bedragen x € 1.000
Rek 2016 Begr 2017 Begr 2018 Begr 2019 Begr 2020 Begr 2021
Directe lasten 10.645 11.947 11.806 12.227 12.227 12.227
Doorbelasting 779 - - - - -
Kapitaallasten 1 1 - - - -
Totaal lasten 11.425 11.948 11.806 12.227 12.227 12.227
Totaal baten 33 35 35 35 35 35
Saldo -11.391 -11.914 -11.771 -12.192 -12.192 -12.192

Beleidsveld Werk en Inkomen

Wat willen we bereiken?

Wat gaat het kosten?

In onderstaande tabel staan de kosten van dit beleidsveld:

Beleidsveld: Werk en inkomen bedragen x € 1.000
Rek 2016 Begr 2017 Begr 2018 Begr 2019 Begr 2020 Begr 2021
Directe lasten 11.726 14.993 15.376 15.169 15.150 15.165
Doorbelasting 2.468 - - - - -
Kapitaallasten - - - - - -
Totaal lasten 14.193 14.993 15.376 15.169 15.150 15.165
Totaal baten 8.636 9.716 10.278 9.900 9.907 9.914
Saldo -5.557 -5.277 -5.099 -5.269 -5.244 -5.252

Beleidsveld Maatschappelijke ondersteuning

Wat willen we bereiken?

Wat gaat het kosten?

In onderstaande tabel staan de kosten van dit beleidsveld:

Beleidsveld: Maatschappelijke ondersteuning bedragen x € 1.000
Rek 2016 Begr 2017 Begr 2018 Begr 2019 Begr 2020 Begr 2021
Directe lasten 6.485 9.043 8.692 8.807 8.826 8.825
Doorbelasting 1.852 - - - - -
Kapitaallasten - - - - - -
Totaal lasten 8.337 9.043 8.692 8.807 8.826 8.825
Totaal baten 812 759 641 641 641 641
Saldo -7.524 -8.283 -8.051 -8.165 -8.184 -8.184

Kengetallen programma 3

Kengetallen programma 3

Kengetal 2016
Realisatie
2017
Begroting
2018
Begroting
Jeugd

Vrij toegankelijk (in ontwikkeling)

     

Ontmoetings- en recreatieve voorzieningen voor jeugd:

     

- scouting

370 kind 350 kind 370 kind

- vakantieactiviteiten

2.200 kind 750 kind 2.200 kind

- professioneel jeugd- en jongerenwerk

4.182 kind 1.000 kind 4.100 kind

 

     

Maatwerk

     

Aantal unieke cliënten dat gebruik maakt van een maatwerkvoorziening i.h.k.v. de Jeugdwet (2e half jaar):

1.088

946 1.050

Altijd/vaak hulp krijgen die het kind nodig heeft (bron: CEO Jeugd)

n.v.t.[1] 69% 75%

% met een positieve gedragsverbetering door hulp (bron: CEO Jeugd)

n.v.t. 64% 75%

% uitval en voortijdig afgesloten trajecten

n.v.t. 14% 10%
Werk en inkomen
  • Aantal lopende bijstandsuitkeringen op 31 december.
618 700 630
  • Aantal kandidaten dat is uitgestroomd naar betaald werk.
66 80 80
  • Gemiddeld aantal uitkeringsdossiers per maand waarin de bijstandsgerechtigde parttime uitkomsten had.
n.v.t.[3] n.v.t. 130
  • Aantal preventie instroom aan de poort[2].
 
n.v.t. n.v.t. 16
  • Aantal lopende dossiers schuldhulpverlening op 31 december
n.v.t. n.v.t. 170
  • Tijdig aangeboden schuldhulpverlening
100% n.v.t. 100%
Maatschappelijke ondersteuning      

Vrij toegankelijk (in ontwikkeling)

     

Aantal geregistreerde:

     
  • Vrijwilligers
n.v.t.[4] 200 220
  • Mantelzorgers
n.v.t. 450 450
       

Maatwerk

     

Aantal unieke cliënten dat gebruik maakt van een maatwerkvoorziening Wmo (2e half jaar):

1.608 1.610 1.600
       

Tevredenheid kwaliteit ondersteuning (bron: CEO)

n.v.t. 79% 82%

 

     

% door hulp een betere kwaliteit van leven heeft (bron: CEO)

n.v.t. 74% 75%

 

     

% uitval en voortijdig afgesloten trajecten

n.v.t. 7% 5%

[1]  Bij n.v.t.: we hanteerden dit kengetal nog niet in eerdere begrotingen.

[2]  Dit zijn dossiers waarin de aanvraag van een bijstandsuitkering is ingetrokken doordat de aanvrager al gedurende de aanvraagperiode naar betaald werk is begeleid. Deze zijn dus nooit ingestroomd en komen daardoor niet voor in de uitstroomcijfers.

[3]  Bij n.v.t.: we hanteerden dit kengetal nog niet in eerdere begrotingen.

[4]  Bij n.v.t.: we hanteerden dit kengetal nog niet in eerdere begrotingen.

 

Toelichting op (grote) mutaties in het meerjarenbeeld

Er is sprake van beperkte wijzigingen binnen het programma. In 2018 liggen de uitgaven per saldo € 195.000 lager dan in 2017.

Bij de uitwerking van het financiële kader van het Beleidsplan Sociaal Domein 2018-2022 hebben er binnen het programma wel diverse verschuivingen plaatsgevonden. Zo is bijvoorbeeld het budget voor PGB’s en huishoudelijke hulp verlaagd, terwijl er extra budget is geraamd voor de ondersteuning aan Jeugd met een Beperking. Door deze verschuivingen sluiten de geraamde bedragen beter aan bij de werkelijke realisatie. Bij de verwerking hiervan is ook het budget voor de uitvoering van de tien beleidsaccenten verschoven. Deze verschuiving van budgetten (€ 1,2 miljoen) zijn per saldo kostenneutraal.

De grootste mutatie in de begroting van 2018 betreft onze bijdrage aan de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond. De bijdrage wordt jaarlijks bepaald, waarbij een verrekening plaatsvindt van het verschil tussen de werkelijke afname van diensten en de prognose van de afgelopen 3 jaren (het zgn. ‘vlaktaksmodel’). Omdat wij in 2015 en 2016 aanzienlijk minder ondersteuningstrajecten hebben afgenomen dan geraamd ontvangen wij hier in 2018 een korting op (€ 465.000). Hiernaast was in de bijdrage aan de GR over 2017 een eenmalige extra bijdrage opgenomen voor het oplossen van enkele knelpunten (€ 253.000).
Door de lagere instroom van asielzoekers en een stelselwijziging van het COA zijn de inkomsten op het gebied van vluchtelingenopvang afgeraamd (€ 85.000). Hiernaast is er binnen dit programma sprake van diverse kleinere wijzigingen van baten en lasten.

De wijziging van de interne rekenrente (van 1,25% naar 0,9%) en afname van de kapitaallasten heeft een daling van de lasten tot gevolg op de doorbelasting kapitaallasten (€ 65). Daarnaast zorgt aanpassing op het aantal uren en het uurtarief voor een positief effect op programma 3 (€ 215.000)

Het programma kent de volgende beleidsvelden en kengetallen: