Op 29 juni 2017 heeft de raad ingestemd met de Meerjaren Prognose Grondexploitaties (MPG) 2017. Het MPG 2017 vormt de basis voor deze Begroting 2018-2021. Voor een uitgebreide toelichting wordt dan ook hiernaar verwezen.
Het MPG en daarmee de jaarlijkse actualisatie van alle grondexploitaties is gekoppeld aan de jaarrekening. Gelijktijdig met de bestuurlijke besluitvorming van de Begroting wordt jaarlijks gerapporteerd over grote afwijkingen ten opzichte van de actualisatie inclusief een doorkijkje naar de actualisatie bij de volgende jaarrekening.
Bij de jaarlijkse actualisatie wordt vooral gestuurd op de 4 P’s: programma, planning, prijzen en parameters. Deze 4 elementen bepalen in hoge mate het resultaat van de grondexploitaties. Bij het MPG 2017 zijn de volgende grondexploitaties betrokken:
Kern |
Woningbouw |
Bedrijven-terreinen |
Centrum-ontwikkeling |
Overig |
Berkel en Rodenrijs |
Meerpolder |
Oudeland |
Berkel Centrum |
|
Westpolder/Bolwerk |
Rodenrijse Zoom |
RvR Groenzoom |
Bergschenhoek |
Wilderszijde (doorlopende deel) |
Leeuwenhoekweg |
Bergschenhoek Centrum |
Landscheidingspark Horeca |
Parkzoom |
Kavels Boterdorp |
Bleiswijk |
De Tuinen |
|
Vluchtheuvel |
|

Programma en planning
Woningbouw
Qua programma is er sprake van een mix van woningen in verschillende woningbouwcategorieën en -typologieën. Zowel het programma als de planning (fasering) worden regionaal afgestemd.
Aandachtspunten zijn de categorieën sociaal, starterswoningen en huurwoningen met een markthuur tot € 850,-. Daarnaast is uit marktonderzoek gebleken dat er kansen liggen in de bouw van appartementen en vrije sector huurwoningen in de categorie middelduur en duur. Waar mogelijk wordt hier in de projecten op ingespeeld. Waar reeds contracten met marktpartijen zijn gesloten, heeft de gemeente hierin vooral een stimulerende rol.
Onderstaande tabel geeft een indicatie van de woningbouwplanning voor de komende 5 jaar, onderverdeeld naar grondexploitaties en particuliere ontwikkeling.
Tabel Woningbouwplanning (oplevering) |
|
|
|
|
|
|
|
Gerealiseerd |
|
Prognose |
|
|
|
|
|
2014 |
2015 |
2016 |
2017 |
2018 |
2019 |
2020 |
2021 |
Grondexploitaties |
|
|
|
280 |
325 |
655 |
630 |
390 |
Particulier |
|
|
|
80 |
150 |
70 |
220 |
110 |
Totaal |
316 |
461 |
268 |
360 |
475 |
725 |
850 |
500 |
De komende jaren zien we, op basis van de huidige contracten en informatie, de aantallen oplopen met een piek in 2019/2020. Gemiddeld komen we voor de periode 2014 t/m 2019 nu uit op 435 woningen per jaar. Hiermee wijken we licht af van de afspraken die wij regionaal en met de Provincie hebben gemaakt. Dit komt onder meer door de contractueel overeengekomen versnelling in Westpolder Bolwerk en het grote aandeel voorziene particuliere ontwikkelingen. Ook landelijk is deze stijgende lijn zichtbaar. Deze wijziging is in het regionale overleg aan de orde geweest. De markt trekt aan en de verwachting is dat we de komende jaren weer groeien naar het productieniveau van voor de crisis. Deze langere termijn planning kent echter nog wel een grote mate van onzekerheid. In de praktijk blijken de opleveringen vaak nog in de jaren te schuiven, zeker bij de particuliere ontwikkelingen. Het is dan ook de vraag of de nu geprognosticeerde aantallen in de praktijk ook worden gehaald. Omdat de gemeente niet zelf bouwt, is het ook lastig om hierop te sturen. Het is de markt die het tempo bepaalt.
Bedrijventerreinen
Binnen Lansingerland heeft de gemeente twee terreinen in eigen ontwikkeling: Oudeland en Leeuwenhoekweg. Daarnaast worden er nog twee terreinen ontwikkeld gezamenlijk met de gemeente Zoetermeer: Bleizo en Hoefweg. Elk terrein heeft zijn eigen kenmerken en de terreinen liggen verspreid over Lansingerland.
Het inschatten van een goede afzetraming voor de bedrijfsterreinen is vanwege de veelheid en omvang van locaties en de onzekere markt lastig. In 2015 is er een onderzoek uitgevoerd naar de afzetprognose voor Leeuwenhoekweg en Oudeland. De fasering in de grondexploitaties sluit hier op aan. In de grondexploitaties is rekening gehouden met onderstaande uitgifteplanning. De (gemiddelde) uitgiftecijfers voor Bleizo en Hoefweg zijn gebaseerd op de actuele grondexploitaties van beide gemeenschappelijke regelingen.
Tabel uitgifte bedrijfsterrein |
|
|
|
|
Verwachte uitgifte bedrijfsterrein in ha |
2017 |
2018 |
2019 |
2020 |
2021 |
Oudeland |
1,0 |
1,5 |
1,5 |
1,5 |
2,0 |
Leeuwenhoekweg |
1,1 |
1,1 |
0,0 |
1,1 |
0,0 |
Bleizo |
23,0 |
1,7 |
1,7 |
1,7 |
1,7 |
Hoefweg |
2,4 |
2,4 |
2,4 |
2,4 |
2,0 |
Looptijd projecten
De looptijd van een project verschilt per project. Daarbij is het, vooral voor projecten met een langere looptijd, goed om te motiveren waarom ervoor gekozen is deze als “gronden in exploitatie” te beschouwen. Ook de commissie BBV schrijft dit voor in haar notitie Grondexploitaties. De richttermijn van een grondexploitatie is 10 jaar. Hiervan kan alleen onderbouwd worden afgeweken met toepassing van risicobeperkende beheersmaatregelen.
Lansingerland kent op dit moment 1 grondexploitatie met een looptijd langer dan 10 jaar: Oudeland. De grondexploitatie Oudeland loopt tot en met 31-12-2036 en overschrijdt daarmee de richttermijn van 10 jaar. Om de risico’s van de (lange termijn) ontwikkeling van Oudeland te beheersen heeft de gemeente de volgende maatregelen getroffen:
- Niet meer indexeren opbrengsten na 10 jaar (= conform de door de commissie BBV aangedragen voorbeeldmaatregel);
- Financieel beleidsuitgangspunt dat er geen onnodige uitgaven voor bijvoorbeeld bouw- en woonrijp maken worden gedaan voordat er voldoende zekerheid is t.a.v. de nog te verwachten grondopbrengsten; we proberen de boekwaarde van de grondexploitatie (behoudens de rente) dus zo minimaal mogelijk te laten toenemen;
- Wij doen periodiek marktonderzoek. Met behulp van de uitkomsten kijken wij of de gehanteerde uitgangspunten voor tempo van afzet en grondprijs nog realistisch zijn. Indien nodig vindt bijstelling van de grondexploitatie plaats. De huidige fasering en looptijd van Oudeland sluit aan bij het meest recente onderzoek (uit 2015);
- De fasering van de uitgifte is gebaseerd op een voorzichtige, gemiddelde uitgifte van 1-3 ha per jaar. Bij uitgifte van grotere kavels kan de looptijd mogelijk worden verkort;
- Wij voeren een actief acquisitie/verkoopbeleid. Waar nodig gebruiken wij speciale instrumenten zoals koop op afbetaling en/of een korting op de grondprijs bij afname van (zeer) grote kavels. De voorwaarden van deze instrumenten zijn vastgelegd in de nota Grondbeleid 2015-2018;
- We bepalen bij iedere actualisatie het risicoprofiel van Oudeland (vertraging in afzet, lagere prijzen en ook een scenario waarbij fase 2 niet meer ontwikkeld wordt). Op basis van het risicoprofiel is een benodigde weerstandscapaciteit bepaald voor Oudeland. Dit is een belangrijk onderdeel van de totaal benodigde weerstandscapaciteit van de gemeente (zie Kadernota 2017 en de Jaarstukken 2016). Gezien de ontwikkeling van de weerstandsratio en het meer dan sluitend zijn van de begroting kunnen we tegenvallers binnen Oudeland opvangen als gemeente.
Prijzen
In de jaarlijks vast te stellen kaderbrief Grondprijzen wordt aangegeven hoe de grondprijzen in de gemeente Lansingerland worden bepaald. Voor een aantal categorieën wordt een richtprijs genoemd. De grondprijzen in de grondexploitaties sluiten aan op de kaderbrief. Daarnaast is er binnen de grondexploitaties ruimte om, onder voorwaarden, maatwerk toe te passen, zodat goed op de markt wordt ingespeeld.
Parameters
Jaarlijks worden de te hanteren parameters voor de rente, kosten- en opbrengstenstijging vastgesteld, zie onderstaande tabel.
|
|
2017 t/m 2021 |
2022 t/m 2026 |
vanaf 2027 |
Rente |
|
2,15% |
2,15% |
2,15% |
Kostenstijging |
|
2,00% |
2,00% |
2,00% |
Opbrengstenstijging |
|
|
|
|
|
Woningbouw |
1,00% |
2,00% |
0,00% |
|
Bedrijventerrein |
1,00% |
1,00% |
0,00% |
Rente
Jaarlijks wordt aan de grondexploitaties rente toegerekend over de boekwaarde. Op grond van de BBV wordt gerekend met de werkelijke rente. Deze werkelijke rente wordt afgeleid uit het gewogen gemiddelde rentepercentage van de gehele leningenportefeuille van de gemeente en het deel dat wordt gefinancierd uit Eigen Vermogen (EV). Voor 2017 en verder wordt uitgegaan van een rente van 2,15% per jaar.
Kostenstijging
De parameter voor kostenstijging drukt uit wat de verwachte prijsontwikkeling (inflatie) is van de kosten binnen de grondexploitatie en wordt gerelateerd aan de prijsindexcijfers voor de Grond-, Weg- en Waterbouw (GWW) van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Deze reeks is een indicator van de prijsontwikkeling van de grootste kostenposten binnen de grondexploitaties (bouw- en woonrijpmaken). Daarnaast worden de cijfers jaarlijks getoetst aan het door Metafoor uitgebrachte rapport over de parameters en er vindt een vergelijk plaats met andere gemeenten.
Door de crisis konden de afgelopen jaren bij de aanbesteding grote voordelen worden behaald. Door het aantrekken van de markt zien we in 2015 en 2016 een sterke daling van deze aanbestedingsvoordelen. Voor de (middel)lange termijn wordt verwacht dat de kosten weer gaan stijgen. Met ingang van 2017 is een kostenstijging gehanteerd van 2% per jaar.
Opbrengstenstijging
Het landelijke beeld is dat de woningmarkt zich stabiliseert en dat, met name in de Randstad, in ieder geval op korte termijn de vraag naar vastgoed verder aantrekt. Dit uit zich al in de VON-prijzen en de verwachting is dat ook de grondprijzen hier voor een deel van kunnen profiteren. Hierbij moet wel rekening worden gehouden met een stijging van de stichtingskosten (aanbestedingsvoordelen dalen en bijkomende kosten stijgen). Uitgaande van de residuele grondwaarde stijgt de grondwaarde dus niet 1 op 1 mee met de VON-prijs. Daarnaast is de ontwikkeling van de prijzen sterk afhankelijk van het product en de locatie.
Ook voor de bedrijventerreinen zien we dat de vraag weer stijgt. Dit blijkt met name uit de getoonde interesse vanuit bedrijven. Daadwerkelijke verkopen blijven lastig. Naar verwachting zullen de prijzen op (middel)lange termijn stijgen, al ligt deze stijging gezien het grote aanbod van bedrijfskavels wat lager dan bij de woningbouw. Daarnaast zien we ook hier dat er een sterke relatie ligt met het product en de locatie. Dit leidt tot steeds meer differentiatie in grondprijzen en een grotere bandbreedte.
Voor de stijgingspercentages wordt onder meer gekeken naar de (landelijke) ontwikkelingen, het onderzoeksrapport van Metafoor en de parameters van andere gemeenten. Op basis hiervan zijn voor het MPG 2017 de percentages voor opbrengstenstijging zoals opgenomen in de Actualisatie 2016 gehandhaafd.
Voor woningbouw wordt van 2017 t/m 2020 gerekend met een opbrengstenstijging van 1% per jaar en vanaf 2021 met 2% per jaar. Voor bedrijventerreinen wordt met ingang van 2017 gerekend met 1% per jaar. Voor de langlopende projecten wordt na 10 jaar geen indexatie meer toegepast (zie ook paragraaf 3.7.3.1).
Disconteringsvoet
De disconteringsvoet wordt gebruikt om de Netto Contante Waarde te bepalen. Het BBV schrijft ter bepaling van de benodigde verliesvoorziening een disconteringsvoet voor van 2%. Deze wordt voor alle grondexploitaties (zowel negatief als positief) gehanteerd.
Kosten voor Voorbereiding, Toezicht en Administratie (VTA)
Jaarlijks worden de VTA kosten voor de resterende looptijd van een project opnieuw bezien. Daarbij vindt een inschatting plaats van de tijdsbesteding in uren op basis van cijfers uit het verleden en verwachtingen voor de toekomst. Daarnaast worden kosten geraamd voor concrete producten die vallen onder de post planontwikkelingskosten, zoals bijvoorbeeld bestemmingsplannen.
Uitgangspunt voor de raming van de interne uren zijn de uurtarieven zoals vastgesteld bij de begroting 2017-2020. Het uurtarief voor de grondexploitaties bedraagt voor 2017 (afgerond) € 111. Dit tarief wordt jaarlijks bij de begroting geactualiseerd.
Resultaten
Op basis van alle eerder genoemde uitgangspunten kent het MPG 2017 het volgende totaalresultaat:
Tabel actualisatie grondexploitaties (in miljoenen €) |
|
|
|
Prijspeil
|
A= Actualisatie 2016 01-01-16
|
B= MPG 2017 / JR 2016 01-01-17
|
C= Verschil B t.o.v. A
|
Totaal negatieve grexen op NCW tbv JR 2016 |
€ -50,45 |
€ -45,21 |
€ 5,24 |
Resultaat grex Landscheidingspark Horeca |
- |
€ -0,25 |
€ -0,25 |
Totaal negatieve grexen op NCW per 1-1-2017 |
€ -50,45 |
€ -45,47 |
€ 4,98 |
Totaal positieve grexen op NCW |
€ 4,73 |
€ 3,91 |
€ -0,81 |
Totaal op NCW |
€ -45,72 |
€ -41,55 |
€ 4,17 |
Voor het totaal te verwachten negatieve resultaat van circa € 42 miljoen is een verliesvoorziening gevormd.
Voor een toelichting op de resultaten per grondexploitatie wordt verwezen naar het MPG 2017.
Tussentijdse winstnemingen
Op basis van de nota Grondbeleid wordt een grondexploitatie afgesloten nadat alle opbrengsten volledig zeker zijn en minimaal 90% van de kosten is gerealiseerd. Tussentijds vinden geen winstnemingen plaats.
Naar verwachting kunnen de volgende grondexploitaties eind 2017 worden afgesloten: Centrum Bergschenhoek en Vluchtheuvel.