Uitblinken lijkt voor jeugdigen de maatschappelijke norm te zijn geworden. Dat zorgt voor een toenemende prestatiedruk. De oorzaak voor het niet uitblinken wordt bij het individu gezocht. Dat hangt samen met het geloof in een maakbaarheid van geluk en succes: niet mee kunnen komen moet verklaard en gerepareerd worden. Dit verhoogt de druk op de jeugdhulp. Om deze druk te verlagen én ervoor te zorgen dat jeugdigen niet onnodig in zware trajecten terecht komen, zetten we in op normaliseren. Dit betekent dat we een brede kijk hebben op wat ‘normaal’ is en accepteren dat verdriet en tegenslag tot op zekere hoogte bij het leven horen. Samen met onze netwerkpartners werken we aan een pedagogisch klimaat wat dit ondersteunt. Daarbij blijft het belangrijk dat jeugdigen en ouders op tijd de goede ondersteuning op maat krijgen. Hiermee vergroten we de zelfredzaamheid van het systeem. 

We stimuleren het hebben van een sterk sociaal netwerk en bevorderen dat jeugdigen en ouders zelfstandig problemen kunnen voorkomen en/of oplossen. We doen dit in samenwerking met het voorliggende veld en de partners waar we mee samenwerken op het gebied van preventie en de jeugdhulp. Het versterken van de zelfredzaamheid en eigen kracht staan hierbij centraal. Belangrijke samenwerkingspartners hierbij zijn bijvoorbeeld het CJG, Jeugd- en Jongerenwerk, de Jeugdcoach op School (JOS) en de Sport- en Cultuur Coaches. We hebben bij dit alles niet alleen aandacht voor jonge kinderen, maar richten ons ook op wat pubers bezighoudt en de ontwikkeling van hun talenten. Zo zetten we in op het creëren van meer plekken in de gemeente waar jeugd kan samenkomen.